169 | God spreekt

6:18
 
Delen
 

Manage episode 302921945 series 2942333
Van Vorming voor elke dag and Kand. A.S. Middelkoop, ontdekt door Player FM en onze gemeenschap - copyright toebehorend aan de uitgever, niet aan Player FM. Audio wordt direct van hun servers gestreamd. Klik de abonneren-knop aan om updates op Player FM te volgen of plak de feed URL op andere podcast apps.

Spreken

Spreken en luisteren hebben alles met elkaar te maken. De Engelse prediker John Stott (1921-2011) legt uit hoe de Bijbel spreekt over Gods spreken. ‘Eén van de dingen die over de God van de Bijbelse openbaring gezegd kan worden, is dat Hij een sprekende God is. In tegenstelling tot heidense afgoden, die dood en stom zijn, heeft de levende God gesproken en spreekt Hij nog steeds. De afgoden hebben een mond, maar spreken niet; Hij heeft geen mond (want Hij is een Geest), maar Hij spreekt. En daar God spreekt, moeten wij luisteren.’

Stott laat zien hoe dit in het Oude Testament blijkt. Hij verwijst naar de opdracht in Deut. 30: 20 waarbij het liefhebben van God samenvalt met het luisteren naar Zijn stem. Ook de Psalmen spreken hierover: ‘Heden, zo gij Zijn stem hoort’. (Ps. 95: 7b) Stott: ‘Ook in de profeten vinden we hier veel voorbeelden van. Bijvoorbeeld Israëls ‘verstoktheid’ van hart, waarover God bleef klagen tegen Jeremia, had alles te maken met het feit dat het weigerde ‘naar Zijn woorden te horen.’ (Jer. 13: 10, verg. Jes. 30: 9). De tragedie die aan deze situatie inherent was, was nu juist dat God door tot haar te spreken en haar te roepen, Israël tot een bijzonder en onderscheiden volk maakte. Maar het luisterde niet en het antwoordde niet. Oordeel was het gevolg. (Zach. 7: 13, verg. Jer. 21: 10-11).’ Stott concludeert: ‘We zouden bijna zeggen dat het grafschrift op de grafzerk van het volk luidde: ‘De Heere God sprak tot Zijn volk maar het luisterde niet.’ Daarom zond God Zijn Zoon en zei: Ze zullen in ieder geval naar mijn Zoon luisteren. Maar in plaats daarvan doodden zij Hem.’

Vandaag

Het luisteren naar Gods stem is blijkbaar geen vanzelfsprekendheid. Stott benadrukt dat het spreken van God niet meer gebeurt zoals in de Bijbel. Stott: ‘Persoonlijk geloof ik niet dat Hij vandaag nog rechtstreeks en hoorbaar tot ons spreekt, zoals Hij dat bijvoorbeeld tot Abraham deed (Gen. 22: 1), tot de jonge Samuël (1 Sam. 3: 4, 6, 8, 10) of tot Saulus van Tarsen op de weg naar Damascus (Hand. 9: 3-7). Ook kunnen we niet stellen dat Hij ‘van aangezicht tot aangezicht tot ons spreekt, zoals een man spreekt met zijn vriend’ (Ex. 33: 11), omdat er van deze bijzondere relatie die God met Mozes had, wordt gezegd dat ze uniek was (Deut. 34: 10). Maar zeer zeker kennen Christus’ schapen de stem van de goede Herder en ze volgen Hem (Joh. 10: 3-5), want dat is wezenlijk voor ons discipelschap, maar ons wordt niet beloofd dat Zijn stem hoorbaar is.’

De Heere spreekt vandaag door de Schrift. Stott: ‘De woorden die God sprak door de schrijvers van de Bijbel en die Hij in Zijn voorzienigheid liet opschrijven en bewaren, zijn geen dode letter. Eén van de bijzondere bedieningen van de Heilige Geest is Gods geschreven Woord ‘levendig en krachtig’ te maken, ‘scherper dan een tweesnijdend zwaard’ (Hebr. 4: 12). En daarom moeten we nooit het Woord van de Geest onderscheiden, of de Geest van het Woord, om de eenvoudige reden dat het Woord van God ‘het zwaard des Geestes is’ (Ef. 6: 17), het voornaamste wapen dat Hij gebruikt om Zijn plan met het leven van Zijn volk tot stand te brengen. Door dit vertrouwen zijn we in staat de Schrift zowel als geschreven tekst als als levende boodschap te beschouwen. Daarom kon Jezus vragen: ‘Wat staat er geschreven?’ (Luk. 10: 26) en ‘Heb je het niet gelezen?” (Matt. 19: 4, 21: 42), terwijl Paulus kon vragen: ‘Wat zeggen de Schriften?’ (Rom. 4: 3, Gal. 4: 30).’

Luisteren

Stott concludeert dat de Schrift (het geschreven Woord) gelezen en geluisterd dient te worden als het spreken van de Heere. ‘Door Zijn oude Woord richt God Zich tot de hedendaagse wereld. Hij spreekt door wat Hij gesproken heeft.’

Het probleem ligt dus niet bij God, maar bij ons. Wij luisteren niet. Stott roept christenen op tot luisteren naar Gods woord. Zoals Maria zat aan de voeten van de Heere Jezus, om van Hem te leren. Samuël leerde van Eli een luisterhouding aan te nemen: ‘Spreek Heere, Uw knecht hoort.’ (1 Sam. 3: 9).

Leestip: De christen als tijdgenoot, John. R.W. Stott, Novapress 1992.

214 afleveringen