095 | Waar komt ons doopformulier vandaan?

6:26
 
Delen
 

Manage episode 295595920 series 2942333
Van Vorming voor elke dag and Kand. A.S. Middelkoop, ontdekt door Player FM en onze gemeenschap - copyright toebehorend aan de uitgever, niet aan Player FM. Audio wordt direct van hun servers gestreamd. Klik de abonneren-knop aan om updates op Player FM te volgen of plak de feed URL op andere podcast apps.

Formulier

Bij elke doopbediening wordt het formulier van de Heilige Doop gelezen. Wellicht is het zo bekend voor je, dat je in gedachten reeds de zinnen af kunt maken als je de eerste woorden hoort. Het klassieke doopformulier kent een lange geschiedenis.

Het doopformulier dat wij kennen komt voort uit de kerkorde van de Palts, in Duitsland. De oorspronkelijke tekst is opgesteld door Caspar Olevianus en Zacharias Ursinus, die we kennen als schrijvers van de Heidelbergse Catechismus. In 1563 werd het in deze Duitse kerkorde opgenomen.

Nederland

Gedurende de jaren van de Reformatie in Nederland zag men het belang van een goed doopformulier. Met name Petrus Datheen (1531-1588) gaf daar aandacht aan. De kerkorde uit de Palts werd omgewerkt naar een document dat in Nederland dienst kon doen. De synode van Dordrecht besloot volgens prof. dr. W. van ’t Spijker in 1574 om het toenmalige doopformulier wat in te korten, waarbij men aangaf: ‘Omdat het gevaarlijk is, dat alle dienaren een aparte vermaning voor de bediening van de doop geven, zo is besloten, dat de vorm hetzelfde zal zijn, die korter is weergegeven en beschikbaar is gesteld voor de dienaren.’ Met andere woorden: beter een wat korter formulier dat iedereen gebruikt, dan een lange tekst die in onbruik raakt omdat mensen dan zelf hun eigen versie van de inhoud weergeven.

Prof. dr. W. van ’t Spijker deed onderzoek naar het ontstaan van ons huidige doopformulier. Hij stelt dat men onderdelen overnam vanuit de Kerkorde van de Palts, maar ook gedachten ontleende aan bijvoorbeeld Johannes à Lasco (1499-1560) en Marten Micron (1523-1559). Zij dienden een vluchtelingengemeente in Londen. Kortom, het doopformulier heeft dus oude papieren.

Onderdelen

Als je luistert naar het doopformulier ontdek je dat het uit verschillende onderdelen bestaat. Van ’t Spijker: ‘In het formulier komt eerst aan de orde de leer van de doop, met in aansluiting daaraan de verdediging van de kinderdoop. Dit is het onderwijzende deel. Het wordt gevolgd door wat we het rituele gedeelte kunnen noemen: het gebed vóór de doop; de vragen aan de ouders, de eigenlijke doopbediening; het dankgebed.’ Dit alles vindt plaats in het midden van de gemeente. Ieder gemeentelid is dus betrokken op wat er gebeurt. De doop raakt niet alleen het kind of de ouders, maar het geheel van de gemeente.

Onderwijs

In het doopformulier krijgen de ouders van het te dopen kind onderwijs. Deze ‘vermaningen’ komen volgens Van ’t Spijker grotendeels bij Marten Micron vandaan. In Van ’t Spijkers boek ‘Zijn verbond en woorden’ geeft de professor een samenvatting van het onderwijs aan de ouders dat Micron in zijn versie geeft en we zien dat dit gelijkenis toont met ons doopformulier.

  1. De doop is een zegel van het verbond van God met ons.
  2. De kinderen horen bij dit verbond.
  3. In dit geloof kan men slechts dopen en laten dopen.
  4. Van nature zijn de kinderen onderworpen aan Gods toorn en aan de dood, maar als zaad der gemeente krachtens het verbond behoort men gedoopt te worden.
  5. De gehele gemeente, als ook de ouders zijn verplicht om het kind bij het opgroeien te onderwijzen.
  6. De doophandeling is geen privé-aangelegenheid, maar zaak van de gehele gemeente.

Kortom, het doopformulier kent dus een lange geschiedenis. Waarbij generaties lang met de woorden van dit formulier werd ingestemd, vanwege de Bijbelse grondlijnen die daarin zichtbaar worden. Bij de doop staan we voor het aangezicht van de belovende God en op de schouders van het voorgeslacht.

Leestip: Zijn verbond en woorden, prof. dr. W. van ’t Spijker (De Groot, Goudriaan, 1980).

184 afleveringen